Laatste tweets
  1. FlorisSchoonderwoerd
    FlorisSchoonderwoerd: Ongelooflijk eervol, de eerste handeling mogen doen om te komen tot Hospice Amandi @KaagenBraassem. Een plek waar m… https://t.co/QgkYOxOuTG

  2. FlorisSchoonderwoerd
    FlorisSchoonderwoerd: @NOS Verdrietig nieuws. En wat een matig artikel @NOS Denk dat er nog wel wat andere items zijn die gemeld kunnen… https://t.co/hJWEzDNwxI

  3. FlorisSchoonderwoerd
    FlorisSchoonderwoerd: Bodemdaling! Klimaatadaptatie! Biodiversiteit! In het middelpunt van het politieke debat. Voor de één het belangrij… https://t.co/jrCcCK9g2H

Archief voorjuli 2012

Fijne vakantie!

Beste mensen,

Volgens de kalender is het zomer. Nu maar hopen dat het snel zomers zal worden. Nu we al zoveel slecht weer gehad hebben lijkt me die kans zeer groot. Maar, mocht het niet zo zijn, dan laten we onszelf er niet door uit het veld slaan.

Ik wil iedereen een hele fijne zomer wensen. Even een paar weken geen blogs van mijn hand, minder tweets en regelmatig afwezig op het gemeentehuis. Geniet van het feit dat uw agenda leger is dan anders en zorg dat de batterij weer lekker opgeladen is. Vanaf eind augustus gaan we er weer voor. Ook het komend jaar zit weer vol uitdagingen. Binnen de nieuwe krappere (financiële) randvoorwaarden zal ik mijn steentje bijdragen aan een sterke en sociale gemeente. Op mij kunt u rekenen. Ik op u?

Fijne vakantie!

Floris

Social media!

Beste mensen,

Wie mij op Twitter volgt (@Florissch), of wel eens op mijn Facebookpagina kijkt, weet het al: ik hou wel van social media. Het is eigentijds en leuk, maar ook nuttig. En bereik zo groepen mensen die anders met geen stok het gemeentehuis in te krijgen zijn. Het gebruik van social media is voor mij een goede manier om contacten te leggen en interactie te hebben met inwoners.

Lang niet iedereen ziet het gebruik van social media zitten, maar een groot aantal mensen wel. Zo ook team communicatie. Onlangs zijn zij een onderzoek gestart naar social media, waar nu een enquête voor loopt. Het doel hiervan is om te inventariseren of er behoefte is bij u, als inwoner, naar het gebruik van social media door de burgemeester en wethouders en zo ja, op welke manier.

Voor het trekken van conclusies is het nog te vroeg, wel kan ik u al enkele voorlopige cijfers geven. 86% van de respondenten maakt zelf gebruik van social media. 91% van de mensen die de enquête hebben ingevuld, vindt dat het gebruik van social media door het college kan bijdragen aan een meer transparante manier van besturen. Wat ik ook een belangrijk (voorlopig) gegeven vind, is dat social media het voor bijna 50% van de respondenten makkelijker maakt om in gesprek te gaan met de burgemeester en wethouders. Ten slotte ligt het percentage van de mensen dat het gebruik van social media door het college als positief ervaart, op maar liefst 85%!

Maar er zijn ook negatieve geluiden. Zo noemt iemand noemt het gebruik van social media versnippering van aandacht en tijd, zeker tijdens werkuren. Een ander vindt social media alleen geschikt voor privé-gebruik; contacten binnen families en vriendengroepen. Ook noemen sommigen – terecht, vind ik – het ‘probleem’ dat niet iedereen, zeker de wat oudere inwoners, evenveel snapt van social media.

Ik ben benieuwd naar uw mening over dit onderwerp! Wilt u de enquête invullen, dan kan dat digitaal op www.kaagenbraassem.nl. Of direct naar: http://www.thesistools.com/web/?id=282791

Ook ligt er voorlopig een stapeltje papieren vragenlijsten bij de balie op het gemeentehuis.

Floris

Vragen en antwoorden over basisschool de Meerpaal in Nieuwe Wetering!

Beste mensen,

De afgelopen weken ontvang ik veel vragen over de situatie rondom de basisschool in Nieuwe Wetering. De aanleiding is dat ouders van kinderen van De Meerpaal, onlangs een brief van de school hebben ontvangen. Deze brief heeft voor onrust gezorgd in Nieuwe Wetering. Van verschillende kanten klinken geluiden dat De Meerpaal de deuren zal sluiten. Echter, de brief gaat alleen alleen de nieuwe groepsindeling. De PvdA fractie in de gemeenteraad van Kaag en Braassem heeft het college van B&W vragen gesteld over de rol van de gemeente, de inhoud van de brief van de SSBA aan de ouders en de positie die de gemeente wel of niet in kan nemen.

De vragen, de antwoorden hierop en een algemene toelichting over rollen en verantwoordelijkheden treft u hier.

Met vriendelijke groeten,

Floris Schoonderwoerd

Vraag 1 PvdA fractie: Wij hebben veel verschillende verhalen gehoord over de boodschap die ouders van kinderen op de Meerpaal te horen hebben gekregen, variërend van “het nieuwe lesrooster voor september is rondgedeeld” tot “De Meerpaal gaat sluiten”.

a. Is het college op de hoogte van de boodschap die SSBA heeft gecommuniceerd?

b. Wat is de boodschap geweest?

c. Is hier vooraf overleg over geweest met de wethouder?

Antwoord college B&W: Het college was niet vooraf op de hoogte van het besluit om drie groepen samen te voegen tot één. Dit is een onderwijskundig besluit op grond van rijksnormen, waar de gemeente buiten staat. Er is dus geen overleg met de gemeente geweest en dat past ook niet binnen rollen en verantwoordelijkheden. Vragen die hierover bij de gemeente binnenkomen, worden doorverwezen naar de SSBA. Formeel kan het niet anders dan dat de SSBA de besluitvorming bekend maakt, toelicht, voor zover mogelijk zorgen hierover wegneemt en vragen beantwoordt. Maar het is wel goed om het communicatietraject in overleg te stroomlijnen, zodat duidelijk is waar men met welke vragen en zorgen terecht kan.

Vraag 2 PvdA fractie: In de Maatschappelijk Ruimtelijke Structuurvisie (MRSV) heeft de gemeente(raad) de intentie uitgesproken om in de huidige kernen het onderwijsaanbod in elk geval te willen handhaven. De wethouder is formeel alleen verantwoordelijk voor de huisvesting van het onderwijs, terwijl de scholen worden bestuurd door de SSBA.

a. Met het oog op de uitgesproken intentie in de MRSV: op welke wijze heeft de wethouder nog inspraak bij de SSBA?

b. Heeft de gemeente Kaag en Braassem desgewenst mogelijkheden om financiële ondersteuning te verlenen. Zo ja, op welke wijze? En heeft dit een precedentwerking tot gevolg?

Antwoord college B&W: Op dit moment gaat de besluitvorming alleen nog over de groepsindeling. De gemeente heeft geen enkele bevoegdheid waar het het schoolbeleid (rijksbekostiging: exploitatie, personeel, groepsindeling, onderwijskundig beleid) aangaat. Zelfs wanneer het besluit van de SSBA zou zijn dat zij een school niet langer in stand kunnen houden en moeten sluiten, heeft de gemeente hier geen invloed op. Waar de gemeente wel invloed op heeft, is het kleine kernen beleid en het sturen op multifunctionele accommodaties. Die rol pakken wij dan ook op. Een gemeente kan niet besluiten om een supermarkt of een bank in een kern te krijgen of te behouden. Evenzo kan de gemeente dit ook niet voor een school beslissen. Dat laat onverlet dat de gemeente wel een belang heeft bij het in standhouden van het voorzieningenniveau in kernen.

Uiteraard kan een gemeente altijd extra financiën beschikbaar stellen met de voorwaarde dat een instelling, in dit geval het schoolbestuur, hiermee een locatie in stand houdt in een kleine kern, maar dat is eerder een theoretische mogelijkheid dan een realistische. Er geldt namelijk een wettelijke gelijkstelling binnen het onderwijs: als de éne school aanvullende middelen van de gemeente krijgt, hebben alle scholen hier ook recht op. In onze gemeente staan 14 schoollocaties.

Vraag 3 PvdA fractie: De Meerpaal is al een kleine school, maar nu gaan er geluiden dat verschillende ouders hun kinderen van De Meerpaal willen halen en naar scholen in Roelofarendsveen willen sturen.

a. Wat is het perspectief voor De Meerpaal? Kan de wethouder een inschatting geven van de gevolgen als enkele ouders hun kinderen van deze school verwijderen?

b. Wat doen SSBA en de wethouder in de communicatie richting ouders om duidelijkheid te geven over de problemen?

Antwoord college B&W: Alleen het verantwoordelijke schoolbestuur kan antwoord geven op de vraag, wat de consequenties zijn voor de groepsindeling en wat het perspectief van de school op langere termijn is.

Het is verantwoordelijkheid van ouders om een eigen schoolkeuze te maken. Wanneer ze zorgen of klachten hebben, kunnen ze via geëigende wegen, zoals de MR en de klachtenprocedure, invloed uitoefenen op de besluitvorming van het schoolbestuur.

Alle vragen die bij de gemeente binnenkomen, met vragen over een besluit van het schoolbestuur, worden doorverwezen naar de SSBA. SSBA heeft ons verzekerd, omdat het in ieders belang is, dat vragen en zorgen serieus worden behandeld 

Overzicht rollen en bevoegdheden onderwijsbeleid 

Het schoolbestuur, de SSBA

Een schoolbestuur, in dit geval de SSBA, is verantwoordelijk voor het schoolbeleid. Over het algemeen wordt een schoolbestuur / College van Bestuur gevoed door directeuren van scholen. Alle vragen over groepsindeling, gebouwen en kleine locaties, leerkrachten, meerjarenplanningen, kunnen alleen door het verantwoordelijke bestuur worden beantwoord. De gemeente heeft hierin geen enkele taak, rol, beweegreden en verantwoordelijkheid. Bij wet is geregeld dat ouders invloed kunnen uitoefenen via de MR van de school, klachtenprocedures en eventueel de inspectie van onderwijs. En (primair) door een schoolkeuze te maken. Het schoolbestuur is de gesprekspartner van de MR.

Het rijk

Onderwijs is centraal geregeld in Nederland. Het rijk stelt bekostigingsnormen vast. Scholen krijgen op grond daarvan jaarlijks één rijksbedrag waarmee ze de totale exploitatie rond moeten krijgen. In het verleden werden de salariskosten volledig vergoed. Doordat er nu één rijksbedrag op basis van de normeringen zoals is, wordt de groepsgrootte relevanter.

De gemeente

De gemeente heeft grofweg twee taken ten aanzien van het onderwijs:

1.leerplicht

2.het beschikbaar stellen van onderwijsvoorzieningen (zoals huisvesting).

Voor onderwijsvoorzieningen geldt: alles wat één school krijgt (van de gemeente, naast de rijksbekostiging), daar hebben alle andere scholen ook recht op. Dit is de zogenaamde materiële gelijkstelling.

Ook hier is het belangrijk om de verschillende verantwoordelijkheden goed te zien: het rijk bekostigt alle “exploitatie en onderwijskundige” kosten. De gemeente stelt daarvoor adequate onderwijshuisvesting beschikbaar (maar ook over het onderhoud daarvan beslist het schoolbestuur) en stelt middelen beschikbaar in het verlengde van het gemeentelijk beleid: voor sport, cultuur, milieueducatie en preventie programma´s, die niet bekostigd worden door het rijk.

Wanneer de gemeente een school aanvullende middelen geeft (voor exploitatie of personeel), hebben alle scholen hier recht op.

Kleine kernen beleid gemeente

Kleine kernen beleid van de gemeente is iets anders dan de exploitatie en onderwijskundige keuzes die een schoolbestuur maakt. Onze gemeente ziet de meerwaarde van het behoud van een school in een kern, maar gaat hier niet over. In dit geval gaat het over een nieuwe indeling van de groepen. Zelfs als het eventueel sluiten van een locatie ter sprake komt, kan deze keuze alleen door het schoolbestuur worden gemaakt en heeft de gemeente hierin geen rol.

Wat kan de gemeente doen ?

De gemeente zal niets anders doen dan de vragen, die over een besluit van het schoolbestuur gaan, door te sturen naar de SSBA.

Ik heb niets tegen rijkdom. Ik heb iets tegen armoede!

Beste mensen,

In plaats van stapels beleidsplannen maken we een korte en bondige maatschappelijke agenda. Waar gaan we ons de komende jaren op focussen? En waarop niet meer? Om die focus te bepalen hebben we de gemeente in kaart gebracht. Ik zal u daar de komende tijd in meenemen. Hier treft u informatie over de inkomens in Kaag en Braassem. Over het geheel gezien zijn we een rijke gemeente. Echter, nog steeds zijn er gezinnen met kinderen die in armoede opgroeien. Hier wil ik wat aan doen. Maar laat helder zijn: Ik heb niks tegen rijkdom, ik heb wat tegen armoede

Floris

Ik heb niets tegen rijkdom, ik heb wat tegen armoede!

 Het gemiddeld huishoudinkomen in Kaag en Braassem hoort tot de hoogste van Holland Rijnland en Nederland. In 2010 was het gemiddeld huishoudinkomen in Kaag en Braassem € 40.800. In 2009 was dit € 40.400. Alleen Oegstgeest, Voorschoten, Teylingen en Zoeterwoude hadden een hoger gemiddeld huishoudinkomen.

 Gemiddeld huishoudinkomen 2009 (kerncijfers Holland Rijnland 2011-2012):

Kaag en Braassem        € 40.400

Holland Rijnland            € 37.800

Nederland                     € 34.300

Studentenhuishoudens zijn niet meegerekend.

In Kaag en Braassem hebben vier op de tien mensen een inkomen tussen de € 25.200 en € 41.700.

4% van de huishoudens (410) in Kaag en Braasem heeft een inkomen tot 120% van het sociaal minimum. In Oude Wetering komen naar verhouding de meeste minimahuishoudens voor: 5,5%. In Woubrugge, Nieuwe Wetering en Oud Ade ligt het aandeel minima onder het gemeentelijk gemiddelde.

Als we de huishoudens met een inkomen tot 120% van het sociaal minimum uitsplitsen naar hoofdinkomen is te zien dat ongeveer 22% van een bijstandsuitkering leeft. Bijna de helft leeft alleen van een AOW (65+er). Ongeveer 28% heeft een ander inkomen: een WW-uitkering, een arbeidsongeschiktheidsuitkering of een laag inkomen uit werk.

Onder de minima bevinden zich veel alleenstaanden en alleenstaande ouders. Eén op de tien huishoudens wordt gevormd door eenoudergezinnen. Bijna 18% van alle eenoudergezinnen in Kaag en Braassem heeft een inkomen tot 120% van het sociaal minimum.

De grootste groep minimahuishoudens bevindt zich in de leeftijdscategorie 65 jaar en ouder: bijna 50% van de minima valt in deze groep. 

2,5% van de kinderen in Kaag en Braassem groeit op in een minimahuishouden

Van de 5.633 kinderen in Kaag en Braassem leven er 140 in een huishouden dat leeft van een inkomen tot 120% van het sociaal minimum. Dit percentage is gelijkelijk verdeeld over de groepen 0-4 jaar (2,3%), 4-12 jaar (2,5%) en 12-18 jaar (2,6%).

42,9% van de kinderen in een minimahuishouden, groeit op in een huishouden met een bijstandsuitkering. De andere minimahuishoudens met kinderen tot 18 jaar hebben een ander inkomen. Eén op de vijf kinderen die in een éénoudergezin opgroeien, leeft van een inkomen op sociaal minimum. Ongeveer 45% van alle kinderen die in een minimahuishouden opgroeien, woont in een eenoudergezin. Dit is maar 10% minder dan de kinderen die in een meerpersoonshuis-houden opgroeien. Er zijn echter in Kaag en Braassem veel meer meerpersoonshuis-houdens dan eenoudergezin. Naar verhouding groeien er daarom meer minimakinderen binnen eenoudergezinnen op dan binnen meerpersoonshuishoudens.

Van alle niet-westers allochtone kinderen groeit één op de vijf op in een minimahuishouden

Bijna 6 op de tien kinderen (58,6%) in een minimahuishouden is van buitenlandse afkomst. Terwijl, als we naar alle kinderen in Kaag en Braassem kijken, dit 10% is. Van alle niet-westers allochtone kinderen groeit één op de vijf op in een minimahuishouden. Van de autochtone kinderen is dit één op de 87.

Langdurige minima

In Kaag en Braassem leeft 60% van de minimahuishoudens langdurig (drie jaar en langer) van het sociaal minimum. Op een totaal van 10.371 huishoudens gaat het om 2,4% van het totaal aantal huishoudens.