Archief voorseptember 2015

Over vluchtelingen en de rol van Kaag en Braassem.

Beste mensen,

Ik heb het al eens eerder beweerd, ik vind het geweldig om te mogen leven in Kaag en Braassem (en daarmee in Nederland). Dat ik mag leven met mensen om me heen met vaak compleet tegenstrijdige opvattingen over de wereld. Het kunnen zelfs mijn beste vrienden zijn. Verschillen van opvatting over de meest uiteenlopende onderwerpen en tegelijkertijd met elkaar het glas heffen. Leuke dingen met elkaar doen. In diversiteit leven, in vrijheid en voorspoed. 

Een groot goed wat niet heel veel mensen in de wereld genieten. Wij zijn bevoorrecht en zijn, om dit ultieme doel te kunnen bereiken, in de geschiedenis geregeld geholpen door landen om ons heen.

Ik vind het een voorrecht om in Kaag en Braassem wethouder te mogen zijn en mee te werken aan het bouwen van onze gemeenschap. Balans zoeken tussen landelijk opgelegde regelgeving en het lokaal implementeren daarvan. Het motiveren van de gemeenschap om, in een snel veranderende wereld, haar rol te pakken in het zorgen voor elkaar en een vangnet te organiseren voor de mensen die daar niet zelfstandig toe in staat zijn. Belangen afwegen. Dagelijks bezig zijn met het scheiden van emotie en ratio. Op zoek naar draagvlak en/of begrip, met wisselend succes, maar altijd vol vertrouwen in de kracht en de betrokkenheid van de inwoners uit onze dorpen.

Sinds 2014 een uitbreiding van mijn verantwoordelijkheden. De portefeuille volkshuisvesting viel mij ten deel. Toen nooit kunnen denken dat, met het vluchtelingenvraagstuk, deze portefeuille zoveel inhoud (en emotie) zou krijgen als nu het geval is. 

Het scheiden van emotie en ratio. Ook nu op zoek naar de kracht van onze gemeenschap. In welke mate kunnen/willen wij lokaal bijdragen aan de genomen besluiten in Brussel en Den Haag? 

Wat kan/wil Kaag en Braassem doen in deze humanitaire crisis? Wat kunnen wij, passend bij de schaal van onze gemeente, bijdragen? En welke veerkracht heeft onze gemeenschap? Veel goedbedoelde initiatieven. Veel angst voor de gevolgen. 

Het blijkt ongelooflijk ingewikkeld, voor iedereen (inclusief mijzelf), om emotie en ratio te onderscheiden… Gisteren, toen ik thuiskwam van de raadsvergadering, moest ik denken aan een column van Chris Klomp, verslaggever voor het ANP, het AD en BNR, over dit onderwerp:

“KIJK VERDOMME NAAR HAAR!

Dit is haar dan. Een van de gelukszoekers. Op de boot gestapt om onze welvaart af te pikken. Om er voor te zorgen dat onze dementerende ouderen niet meer de hulp krijgen die ze nodig hebben. Om onrust te veroorzaken in onze maatschappij. Want dat is wat die vluchtelingen doen. Op zoek naar hun geluk. Ons meetrekken in de ellende.

Kijk naar haar. Misschien was ze wel van plan een aanslag te plegen. Want zo zijn mensen uit die landen. Moslim en dus terrorist. Kijk verdomme naar haar. En besef dat het om mensen gaat. Niet om statistieken. Mensen. Met dromen en angsten. Met de wil om geluk na te streven.

Enkele uren eerder zat ze waarschijnlijk bij haar moeder op schoot. Een moeder die ongetwijfeld zou hebben gezegd dat het allemaal goed zou komen. Dat ze zich geen zorgen hoeft te maken. Dat er een betere wereld op haar zou wachten. Dat er ergens mensen zouden wonen die zouden helpen. Omdat de wereld niet helemaal louter en alleen uit oorlog en ellende bestaat. Omdat er landen zijn waar mensen het zo godvergeten goed hebben dat ze een ander ook een klein beetje geluk zouden gunnen.

Zie haar liggen. In haar roze jurkje. Misschien wel haar lievelingsjurkje. En besef dat die moeder ongelijk had. Een pijnlijk besef. Maar daarom niet minder waar.

Ik heb mij godverdomme nog nooit zo vreselijk moeten schamen voor Europa. Voor Nederland. Voor die volstrekte randdebielen die in hun infantiele, kleingeestige en bekrompen gedachten niet eens het fatsoen hebben om hun eigen beperkte xenofobe wereldje even achter zich te laten. Om even respect te tonen voor een groot drama.

Shame on you.”

Dit was een column die mij raakte, net als de foto van het aangestrande jongetje op het strand van Bodrum. Ik kan daar, als jonge vader, niet naar kijken. Vanaf dat moment werd Nederland (en Europa) wakker. De sense of urgency was, na die ene foto, plots bij heel veel mensen aanwezig. Vanaf dat moment gingen mensen en politici handelen. Emotie en ratio, dwars door elkaar.. 

Zolders met slaapplekken werden (goedbedoeld maar volstrekt ongeschikt voor mensen met een oorlogstrauma) aangeboden, knuffels ingezameld en het COA (Centraal Orgaan opvang Asielzoekers) ging door met haar opdracht: het nemen van extra maatregelen om zowel de instroom van vluchtelingen te kunnen huisvesten als de uitstroom van vergunninghouders, vluchtelingen die al een verblijfstatus hebben gekregen, te versnellen.

Ook het Kabinet liet van zich horen. In een emotionele oproep zocht staatssecretaris Klaas Dijkhof “stoere burgemeesters en wethouders”. Stoere gemeentebestuurders die op korte termijn deze mensen wilden huisvesten. Daarmee werd het wereldwijde vluchtelingenvraagstuk, deze humanitaire ramp, verengd tot een opvangvraagstuk. Dit terwijl lokale bestuurders niet alleen met de opvang te maken hebben, maar ook met draagvlak, acceptatie, integratie, ontplooiingskansen, huisvesting op langere termijn, gezondheidszorg, begeleiding, gezinshereniging, emoties in de dorpen en wijken etc.

Het aantal gemeenten dat hun verantwoordelijkheid neemt en serieus op zoek gaat naar opvanglocaties, neemt toe. Deze gemeenten mogen van de staatssecretaris verwachten dat hij een visie heeft over wat er moet gebeuren als de toestroom van asielzoekers door blijft gaan; als de capaciteit van de gemeenten niet langer toereikend is; als het draagvlak van de lokale bevolking afkalft. Kortom: van de staatssecretaris mag een duidelijk asielbeleid worden verwacht waar de gemeenten hun eigen inspanningen op kunnen baseren. Anders maakt de staatssecretaris van die gemeenten eilanden. Plaatsen waar hooguit de eerste opvang geregeld is, zonder enig uitzicht voor deze mensen over hoe het verder moet.

Het is van groot belang een goede afweging te maken. Wat kunnen we aan? Op welke manier kunnen we, passend bij de schaal van onze gemeente, een verantwoorde bijdrage leveren aan dit probleem? Hoe scheiden we de emotie van de ratio?

De feiten

Het COA vangt op dit moment 33.000 vluchtelingen op. Op dit moment komen er wekelijks 2.500 mensen bij. Hiervoor zijn meerdere opvanglocaties nodig. Wat vraagt het COA van gemeenten? Voor de opvang van vluchtelingen is behoefte aan: 1) Nood- of tijdelijke opvang 2) Reguliere opvang 3) Versnelde huisvesting statushouders.

1) Nood- of tijdelijke opvang

De voorkeur gaat uit van bestaande panden die al nagenoeg geschikt zijn. Je kan hierbij denken aan kazernes, leegstaande verzorgingshuizen of andere panden die eenvoudig geschikt te maken zijn. De capaciteit van deze voorzieningen zou tussen de 300 en 800 personen liggen.

2) Reguliere opvang

Dit betreft een asielzoekerscentrum (AZC) dat geschikt is voor 600 tot 1000 personen. Het mag een bestaand gebouw of terrein zijn. In het laatste geval zet het COA  een semi-permanent gebouw neer. Het COA heeft de voorkeur voor locaties die gunstig liggen t.o.v. voorzieningen (openbaar vervoer, winkels, onderwijsmogelijkheden, etc).

3) Versnelde huisvesting statushouders

Mensen in een AZC (33.000 op dit moment) zitten in procedure. Aan het einde van de procedure zijn er kortweg 2 mogelijkheden. Mensen gaan naar de ‘dienst terugkeer en vertrek’ of krijgen een verblijfsstatus. Van de 33.000 mensen in een AZC hebben er 13.000 een verblijfsvergunning. Doordat zij wachten op een woning, kunnen zij het AZC niet verlaten. Als gemeenten meer of sneller statushouders huisvesten dan de huidige taakstellingen, ontstaat ruimte in de AZC’s. Dit lijkt dus de meest optimale situatie.

Emotie of ratio? Waarmee helpen we het meest? Wat past ons het best? Gemeenten lopen fors achter op de realisatie van de huisvestingstaakstellingen. Als we die achterstand inlopen, zou een fors deel van het actuele probleem van een oplossing voorzien zijn. 

Hoe zit dat bij ons in Kaag en Braassem? Ik ben er best trots op dat wij één van de weinige gemeenten zijn die, dankzij de inzet van MeerWonen en Woondiensten Aarwoude, aan onze taakstelling voldoen en geen achterstand hebben. Daarnaast zetten we fors in op begeleiding (De Driemaster zoekt nog vrijwilligers), zodat deze mensen een perspectief hebben, mee kunnen doen en ontplooiingskansen krijgen. De route naar een succesvolle integratie en acceptatie door de lokale gemeenschap. Gaat het altijd goed? Zeker niet! Maar wel de meest kansrijke route. 

Bieden we opvang, of bieden we perspectief?

Wat nu? Dadendrang? Een leeg kavel in een tuinbouwgebied aanbieden voor een groot centrum voor 800 mensen? Lege kantoorpanden in een dorp zonder voorzieningen aanmelden? Of schieten we in een andere (in de gemeenschap aanwezige) emotie, en duiken we? Hopen we dat het aan ons voorbij gaat? Kijken we naar wat past bij onze gemeente en waar misschien wel de grootste vraag naar is? Bieden we de mensen die we naar ons toe halen opvang, of bieden we hen een perspectief? 

In deze spannende tijden prijs ik me gelukkig met het politieke klimaat in Kaag en Braassem. Alle 5 de partijen hebben uitgesproken GEEN politiek te willen bedrijven over de rug van deze zeer kwetsbare groep wereldburgers. Alle 5 de partijen hebben met elkaar afgesproken de verantwoordelijkheid te willen nemen en een bijdrage te willen leveren aan dit vraagstuk. Een Kaag-en-Braassem-antwoord op de vraag van het COA, passend bij de schaal van onze gemeente.

Wat past er dan bij onze gemeente? We hebben het volgende besloten: Bovenop de reguliere taakstelling extra inzet op het huisvesten van statushouders! Een onderdak beschikbaar stellen aan mensen waarover is besloten dat zij niet terug hoeven naar een oorlogsgebied en hier aan een toekomst kunnen gaan werken. Het gaat hier om tijdelijke huisvesting, verspreid over de gemeente, totdat de bemiddeling naar een gekoppelde gemeente is afgerond waar de vergunninghouder zich definitief kan vestigen. Hiermee halen we de ‘stop’ uit het AZC en organiseren we daar ruimte voor nieuwe instroom. 

Het COA heeft voor deze doelgroep ook een financieel arrangement beschikbaar gesteld wat de gemeente de ruimte geeft om deze mensen op te vangen. 

Huurwoningen of ook andere vormen?

Waar zit een dilemma? Of anders gezegd, waar zit veel emotie? Statushouders hebben voorrang bij de toewijzing van huurwoningen. Om draagvlak te houden voor het huisvesten van deze doelgroep is het van het grootste belang dat niet een te groot deel van de vrijkomende huurwoningen eenzijdig aan deze doelgroep gekoppeld zal worden. Wij gaan de komende weken hierover in gesprek met de woningcorporaties en willen vooral ook andere vormen van tijdelijk huisvesten gaan onderzoeken. 

Ik zal me inzetten om de eensgezindheid binnen de gemeenteraad te behouden bij dit belangrijke vraagstuk. Dat kan alleen maar door rationeel te kijken naar dit emotionele vraagstuk. 

Er zijn miljoenen mensen op de vlucht. Een heleboel in overvolle kampen of erger, zonder perspectief. Asiel en migratie zorgen altijd voor veel emotie en dilemma’s, maar het blijft onze plicht mensen te beschermen. Er zijn grenzen aan ons vermogen asielzoekers op te nemen, maar voorop staat dat wij in de kern een gastvrije gemeente willen zijn. 

Wij in Kaag en Braassem kiezen er raadsbreed voor ons extra in te zetten om, daar waar het COA het meeste last van heeft, de doorstroming van statushouders te bevorderen. In aantallen die voor ons behapbaar zijn, met kwalitatief goede begeleiding, met kans op een fatsoenlijke toekomst en zo min mogelijk in concurrentie met andere doelgroepen op onze lokale woningmarkt.

Een ongelofelijke uitdaging. In de hoofden van sommigen doen we hiermee veel te weinig. Naar de mening van anderen doen we veel teveel. Iedereen heeft hierover zijn eigen mening, dat mag in Nederland, dat kan in Nederland… Wees hier zuinig op beste mensen.

Het nemen van verantwoordelijkheid, de drijfveer van de 5 politieke partijen in Kaag en Braassem, en tevens een oproep aan u. Met veel respect voor een groot drama en een rotsvast vertrouwen in de kracht van onze dorpen groet ik jullie!

Floris